Cycli


Haico

 

Toen ik in de jaren zeventig begon met atletiek was de voorbereiding op de OS van München in volle gang. Ik wist niet wie de bondscoaches waren. In de loop van de jaren, toen het oog gericht werd op Montreal of later Moskou werd ik me meer bewust van de functies boven het clubniveau.

Toen zag ik ook een cyclus verschijnen: talentvolle atleet- succesvolle atleet- beginnend trainer – clubtrainer- bondstrainer. 


Maar dit was geen naadloos gegeven en ging ook niet altijd in een gelijkmatig tempo. Ook werd er soms een stadium overgeslagen.  Dan heb ik nog niet over de cyclus die er onder zat. Die van de atleten. Atleten die opgroeiden of groot werden in een gegeven situatie en dan door anderen in een nieuwe sitatie werden geplaatst of door situatieve problemen gedwongen werden uit te wijken.

Al die functies werden ook nog eens grotendeels om niet gedaan of tegen een geringe vergoeding. Daardoor waren de verhoudingen soms ver te zoeken. Tel daarbij het autoritaire organigram van de KNAU en de problematiek is explosief. Districten die ruzie maakten, commissies die autonoom beslisten en botsingen van en met persoonlijkheden. Men vocht elkaar de tent uit. Voor koffie met een gevulde koek.


Zo waren er de traditioneel sterke clubs: over de hele breedte en ook sterke clubs die sterk leunden op een bepaalde discipline zoals sprint of midden afstand. In beide gevallen waren er dan grote mannen aan het roer bij de midden en lange afstand. Die waren in een aantal gevallen ook weer districtstrainer of bondstrainer. Functies die nauwelijks los van elkaar gezien konden worden. Die wel een hele scheve investering vroegen want je was wekelijks op de club maar misschien in totaal maar 7 dagen in functie in de overkoepelende taak als bondscoach. Tot de tijd van de betaalde (deel)baan van nationaal coach was er dus sprake van een verdeel en heers of vriendjespolitiek. Dus er was altijd gedoe over selectie, begeleiding, beslisbevoegdheid en optreden.

 

Van de namen die in, vooral, het laatste kwart van de vorige eeuw een grote rol speelden in de Nederlandse atletiek op het gebied van de midden en lange afstand zijn er in korte tijd prominente namen overleden: Has van Cuijk – Jack Wouters - Bob Boverman – Arend Karenbeld- Wim Verhoorn- Cees Koppelaar. 

 

En nu dus Haico Scharn. Een markante man die als atleet als eerste onder vier minuten dook op de Engelse Mijl, op de OS 1972 in de halve finale strandde op de 1500 meter en op de EK 1974 in Rome vierde werd.

Als coach werkte hij met Letitita Vriesde, Stella Jongmans, Yvonne van de Kolk en, de huidige atletiekcommentator, Leon Haan. 

De voormalig Nederlands recordhouder (1000 meter, 1500 meter) werd sportinstructeur bij de Koninklijke Landmacht en werkte later op het laboratorium bij de sectie trainingsgeneeskunde en trainingsfysiologie. In de hoedanigheid heeft hij enorm veel soldaten maar ook atleten getest als testleider voor de uithoudingsvermogen en kracht. 

Al die kennis propte hij ook schema’s kwam ik achter toen een clubgenoot mij vroeg om bij zijn trainingen te assisteren (lees een oogje in het zeil te houden). Het schema van Haico was namelijk dermate lang en zwaar dat hij het niet kon onthouden en continu moest nakijken.

Een training van meer dan twee uur met kracht, sprongen en tempo’s was heel normaal. Veel later heb ik nog een keer een cursus overgenomen voor de sportinstucteurs van de KLU. Haico zat in een hele moeilijke privé situatie (nier problemen bij zijn dochter) en moest de cursus afzeggen. 

Van een autoriteit een cursus overnemen is al lastig maar als het ook nog een autoriteit uit de eigen organisatie is dan helemaal. Zelf ben ik niet in militaire dienst geweest, kom ook niet uit een wetenschappelijke onderzoeksrichting en moest nu een cursus geven over motorische vaardigheden, testen en protocollen. Na mijn introductie, stak iemand de hand op en vroeg: “ Bent u de opvolger van Haico millimol?” Haico beschikte over zo veel achtergrond informatie, dat hij achteloos bij alle testonderdelen hartslag referenties en bloedwaarden kon noemen. Dat had hij in de eerste lessen nogal veelvuldig gedaan dus was men bang dat ik dit ook zou doen. Ik kon ze geruststellen.  

 

Het lijkt er op dat zo langzamerhand in de cyclus van oud bondcoaches MILA, een hele nieuwe cyclus is begonnen. Van de oude garde zijn nog Hans Keizer, Bram Wassenaar en Feico Jansma over denk ik.

 

Een volgende groep met Guido Hartensveld, Ton Baltus, Eddy Kiemel en Honore Hoedt is al geruime tijd op weg dit gat op te vullen. 

 

Cycli die elkaar opvolgen.



Haico in de achtervolging op Joop Keizer

 

 

Comments

Popular Posts